Ooit  Mensen    2010  


Emmy Hertzdahl
Heerlen, 14 april 1917 - Amsterdam, 18 januari 2010
'Pluk de dag' is haar motto.>>


Met dank aan Loan Oei

Ze wordt de moeder, de hoeder, van de Nederlandse mode genoemd. Terecht.
Elly Lamaker, 30 september 1922 - 30 januari 2010. Zonder haar zou 'Arnhem', zou de modeopleiding aan de Academie in Arnhem, geen wereldfaam hebben bezeten.

Arnhem getuigt>>

Midden jaren '80 leer ik Elly kennen. Via Loan Oei. Die is de drijvende kracht achter Indigo. Een stichting, een project, een tentoonstelling, ten laatste. In het Tropenmuseum. Elly zit dan al in het bestuur. Ik treed toe. Mede vanwege Benno Premsela. De Tropenopening wordt verricht door Ed van Thijn, vigerend burgemeester. Heeft zojuist een arm gebroken en draagt een indigoblauwe mitella. Klasse! Elly offreert een flankerende modeshow, met studenten van velerlei academies. Ik zal nooit vergeten hoe we elkaar tegenkomen in de catacomben - na afloop - naar elkaar toe rennen en elkander omhelzen!

Ik ervaar Elly als kritisch, niet altijd even gemakkelijk (gelukkig), van boven tot onder bevlogen, oprecht, tijden vooruit. Willende weten, nieuwsgierig en: volop bereid kennis, kunde en gevoel door te geven aan anderen. Denk maar aan Lidewij Edelkoort, Alexander van Slobbe en Gisela Prager, haar opvolgster. Onder velen. Hartelijk is ze ook - Elly. En geestig en welsprekend.

         
Barend Woutman, geheel links

Barend Woutman

Van oudsher lees ik overlijdensadvertenties. Mijn moeder gaat me -ook hierin- voor. En zo valt, in de Volkskrant, het oog op een bekende naam. Barend Josephus Woutman. Geboren op 25 juni 1913, gestorven op 9 april 2010. Eerst kan, wil, ik het niet geloven. Is Barend echt 96? Een kwart eeuw ouder dan ik? Ja, dat is ie. Besef ik. Nu pas.

Ik leer Barend kennen via de Volkskrant. Daar is hij hoofd advertentieafdeling. Een kundig man, met een open oog voor mensen en voor nieuwe ontwikkelingen. Rustig, bescheiden, beminnelijk. En energiek, stuwend, gedreven. Ik merk het eens te meer binnen SIRE, de Stichting Ideële Reclame, waarvan ik medeoprichter ben, in 1967. En Barend een vroege vogel. Cruciaal soms. Zo weet hij, in een donker zaaltje in het Amstelhotel, de afwijzende houding van de NDP, de Nederlandse Dagblad Pers, om te buigen. Waardoor kranten SIRE advertenties gaan plaatsen. Gratis. De Volkskrant voorop. Barend maakt subiet deel uit van het bestuur (1967 - 1975) en wordt aansluitend voorzitter (1976 - 1979). Daarnaast is hij enkele malen projectleider. Bij de campagnes voor niertransplantatie en tegen vuurwerk, respectievelijk in 1973 en 1974/1975. Toegewijd en onvermoeibaar.

Bij het veertigjarig bestaan van SIRE, in 2007, met Prinses Máxima, in Beeld en Geluid, is hij er. Het is me een vreugde hem terug te zien. Nieuwsgierig als immer, wijs, mild, warm. Ik sla mijn arm om hem heen. En hoor zijn markante stem.

Uitgerekend op de dag van zijn overlijden spreek ik Frits Baylé, de initiatiefnemer tot SIRE en wonend te Frankrijk. Voor het eerst sinds '07 oog in oog - niet via postvak in. Toeval bestaat niet.


Eremedaille voor Kunst en Wetenschap van de Huisorde van Oranje

Jan Jessurun, 14 mei 1934 - 25 juni 2010, 76 dus. Topambtenaar. Bij vier ministeries: CRM, OCW, WVC, VWS. Voorzitter. Van talloze raden: Raad voor Cultuur, RvT Berlage Instituut, NAi, Stichting Openstelling Paleis Soestdijk. Hoofddirecteur. Rijksdienst voor de Monumentenzorg. Initiator. Nationaal Restauratiefonds. Aanjager. Van de restauratie van de Portugese Synagoge. Et cetera, et cetera.

Jan Jessurun is een werkzaam man. Strikt, overtuigd, overtuigend. Ingevoerd, uitgesproken. Stijlvol, geestig, optimistisch, attent. Jan en ik komen elkaar van tijd tot tijd tegen. In circuit en wandelgang. Ten laatste, aangenaam intensief, rond Viva Esnoga! - de aanzet tot herstel van de sjoel.





Ans Hey, 10 augustus 1932 - 13 september 2010. Via Henk de Vries leer ik haar kennen. Klein is ze, broos, frêle - zo op het oog. Maar ondertussen is ze sterk. Ans Hey, beeldhouwster. Grote, expressieve beelden, uit weerbarstige steen. Beelden die iets te raden laten. Die fantasie aansporen, in versnelde beweging brengen. Daarnaast is Ans een organisator pur sang. Diverse malen weet ze in Frankrijk culturele wonderen te verrichten. 'Tables d'Amour' en 'Le Vent' bijvoorbeeld, telkens cirkelend rond haar werk en andere vormen van kunst, zoals dans, licht en theater. Vlak voor haar dood publiceert ze een boek, over de jonge jaren. Parijs, Londen, Italië. 'Kan een kont te groot zijn', 248 pagina's, 394 gram.
ISBN 978 -90 - 79372 - 09 - 6. Ik zie haar voor het laatst in de Opera. Gedeelde liefde. www.anshey.nl







Woensdag 22 september denk ik: 'Hoe zou het toch met Aldo gaan?' Daags later lees ik dat hij dat hij die nacht is gestorven. Vreemd en me vreemd te moede. Aldo van den Nieuwelaar, ontwerper van het zuiverste soort. De adjectieven vliegen ons om de oren, in de nabeschouwingen. Geometrisch minimalisme (gecomprimeerd tot: 'millimeterneuker', opgetekend uit eigen mond); heldere, strenge eenvoud en: sobere en summiere producten. Ik ken hem - een tikje - via Benno Premsela en diens 'entourage'. Tevoren al koop ik zijn bekendste creatie: de Amsterdammer, de rolluikkast, Pastoe - nog steeds heel behulpzaam in de badkamer. En ook de TC6 lamp (aangeprezen als tafellamp, doch hier een prachtige muurlamp) bevalt me dagelijks. Zeer. Aldo, 1944 - 2010. Oud kun je dat niet noemen...

Arjan Ribbens, in NRC H>>



Stevijn van Heusden, 1945 - 2010
Hij begint als typografisch ontwerper maar wordt, begin jaren tachtig, directeur Kunsten. Dat blijft hij, geruime tijd. Bij de ministeries van WVC en OCW. Die spanne laat hij niet zomaar voorbijgaan. Hij drukt stempels. Onder meer in de vorm van het Kunstenplan. Waarbinnen de overheid allerhande taken overdraagt aan cultuurfondsen. Al met al komt de kunstsector sterker uit de crisis (toentertijd) dan ervoor. Na zijn Haagse afscheid (1998) blijft hij doende. Ten faveure van het kunstvakonderwijs, bijvoorbeeld. In 2000 wordt hij zakelijk directeur van het Amsterdamse Stedelijk. In die hoedanigheid geeft hij me opdracht een beleidsmatige brochure te schrijven, na behoorlijk intensief contact, ook met de staf. Niet al te lang daarna stapt hij op. Mede omdat de nieuwbouw van Siza wordt afgeblazen. Mijn kernzin, voor het Stedelijk, 'Het nú en z'n geheugen' verdwijnt in vergetelheid. Stevijn gaat gewoon door. Als bestuursadviseur van burgemeester en wethouder. Als voorzitter ook, van Kunsten '92 en als veelgevraagd bestuurslid. Totdat de kanker het hem echt onmogelijk maakt.

Achter zijn bril twinkelen zijn ogen. Strateeg met binnenpret. Doordouwer, steun in de rug. Heldere man. Menselijke man.

Joep Bertrams in Het Parool van 8 november 2010

Peter Vos. Zie: Mensen>>



Dr. H.M. de Boois, Rie. Zolang ik haar ken: partner van Pierre Janssen. Levensgezellin meldt de advertentie >> statig. Rie is eerder onconventioneel, ook in haar spraakgebruik. Zierikzee is haar geboorteoord (4 juni 1936). Kerk-Avezaath wordt haar latere thuis. Daar sterft ze, plots, opeens, op donderdag 18 november 2010. Rie. Doctor in de biologie. Met een hart dat warm voor de natuur klopt. In een uiterst actief leven. Lerares, lid van de Arnhemse gemeenteraad, Tweede Kamerlid voor de PvdA. Gevolgd door een megareeks raden, commissies, besturen, presidia en wat je maar kunt bedenken. Van waterschap tot watervogels, van beheer tot onderzoek, van bescherming tot denuclearising. Ze schrijft ook mooi. 'Schimmelgroei in strooisellagen van enkele bosgronden' heet haar dissertatie, in 1976. En ze weet wat er komt kijken voor een goed publiekstijdschrift: Natuurbehoud van Natuurmonumenten. (Daar kruisen onze wegen). We hebben nog een afspraak, Rie en ik. In een prachtige brief bevestigd. Om samen heerlijk te gaan eten.

Wat in het vat zit verzuurt niet...

Begin februari 2011 schuift TNT een blad door de brievengleuf. BINNENSTAD. Van en voor de Vrienden van de Amsterdamse Binnenstad. De voorpagina bezorgt me temet een daverende schrik.

Maarten Brinkgreve is dood. Overleden in de vroege ochtend van oudejaarsdag. Henny en ik zijn dan in Trawas. Maarten, 1946 - 2010, is aardig, beschaafd, bescheiden, betrouwbaar, nieuwsgierig en voorkomend. En bovendien een uitmuntend fotograaf. Hij portretteert, jarenlang, de Amsterdamse binnenstad. Grachten, straten, stegen. Verval, herstel. Vernieling, vernieuwing. In overtuigend zwart/wit en later ook in kleur. Binnenstad staat vol met zijn foto's. Tevoren reeds: De Lamp Van Diogenes.

Maarten is de zoon van Sjuwke en Geurt Brinkgreve. Geurt, monumentenredder pur sang. Met hem zit ik in tal van besturen: de Vrienden van Diogenes, de Stichting De Pinto, Amsterdam Versierd en - inderdaad - de Vrienden van de Amsterdamse Binnenstad. Ik ben daar zelfs de eerste voorzitter van...

Al die tijd is Maarten in de buurt. Daarna ook, trouwens. Tot op het Joodse kerkhof, Ouderkerk, aan toe.

Beeld>>