Ooit  Mensen    2009  


Op 7 februari '09 overlijdt Paul Brouwer (68), oud-ambassadeur te Jakarta. Daar heb ik hem nimmer ontmoet. Wel hier, onder meer in het Tropenmuseum. In het kader van de tentoonstelling Pracht&Kraal, van Loan Oei c.s. Een aimabele, onderhoudende, wijze man. Met grote en oprechte belangstelling voor kunst en cultuur.

Tim Bönig 1927 - 2009

479 woorden>>


Foto: Aatjan Renders

Op de dag van Apeldoorn, Koninginnedag 30 april '09, overlijdt Frans Spruijt, meesterdrukker, heerlijk mens en meer nog. Hij is niet eens echt oud: 78. Maar de laatste jaren zijn verre van gemakkelijk. De dood van Riet (Doorenbosch, van huis uit) en nierdialyses. Jong al, 20, gaat Frans de drukkerij in. Mart.Spruijt, hartje Amsterdam. Daarna maakt hij zo ongeveer alle ingrijpende veranderingen mee, op zijn vakgebied. En biedt er het hoofd aan. En loopt er op vooruit. Tegelijkertijd bindt hij. Niet alleen zijn opdrachtgevers, maar ook grafisch ontwerpers. Die krijgen kansen te over. Om ongewoon, experimenteel werk te leveren. Voor de beroemde, de beruchte, Spruijt kalenders. Die per definitie te laat zijn, omdat klanten voorrang hebben. Op de persen. Waardoor, na verloop van tijd, het jaar voor Spruijt begint op 1 april. En voor ons dus ook. Op 23 maart 2007 verschijnt het zesde deeltje in de serie Roots. Getiteld: 'Letters en vormgeving. De passie van Frans Spruijt'. Titus Yocarini stipuleert daarin tevens de betekenis als adviseur en als actief, inspirerend, bestuurder, o.a. van het Gerrit Jan Thiemefonds.

Durf, warmte, espresso, een sigaartje, een prachtige lach.

Mijn dierbaarste buurman. Donderdags zien we hem nog, Henny en ik, in de hal van de Wolkenkrabber. Wim Kouwenhoven, van acht hoog. Samen met zijn vrouw, Anita Menist. We praten, lachen, ik houd de liftdeur voor hen open. Zaterdag is hij dood, 20 juni 2009, 85 jaar, niet ver van 86. Ja, we weten dat zijn gezondheid te wensen overlaat. Maar Wim geeft daar niet aan toe. Ze gaan nog overal heen, samen en vrijwel dagelijks maakt hij een lange wandeling (kan ik een voorbeeld aan nemen). Hoe vaak zie ik hem niets langskomen? Met stok, jas, pet...Soms wuif ik, soms doe ik het raam open en wisselen we groeten uit. Wim is acteur. Ik associeer hem vooral met toneel (het Amsterdams Toneel), maar hij reikt beduidend verder. Film. Wat zien ik?, Rooie Sien, Soldaat van Oranje staan op zijn speellijst. En tevens werkt hij mee aan tal van televisieseries: Swiebertje en Ti-ta-tovenaar om er twee te noemen.

Oudere mensen zijn op jong internet vaak ondervertegenwoordigd. Alzo kan ik geen goede foto's vinden. Hoeft ook niet. Zijn beeld staat onuitwisbaar op mijn netvlies. We verschillen niet of nauwelijks in lengte, zijn stem is markant, zijn uitspraak ten zeerste welluidend. Hij is warm, invoelend, nieuwsgierig, geestig.

Gelukkig komen we Anita nog veelvuldig tegen.


V.l.n.r. Wim, Petra Laseur en Andre van den Heuvel, 25 mei 1973

Martin Visser (Bergeijk, 26 januari 1922 - 23 oktober 2009). Martin is meubelontwerper, gekend en gelauwerd. De BR02, oftewel Bank voor Rusten nummer twee, stamt uit 1958, is voortdurend verbeterd en groeit uit tot icoon. Strak, sober, functioneel (goed zitten, goed slapen) en minimalistisch avant la lettre. Meer dan twintig jaar werkt hij bij meubelfabriek 't Spectrum www.spectrumdesign.nl Maar. Er is een tweede liefde: moderne kunst. Samen met Mia, zijn eerste vrouw en zijn broer Geertjan verzamelt hij verwoed. Ook wordt Martin hoofdconservator. Van Museum Boijmans Van Beuningen (1978 - 1983). Niet onvermeld mag blijven dat, gedurende een reeks van jaren, het Kröller-Müller Museum delen van de collectie Visser schappelijk kan verwerven. Daarbij gaat het om ruim vierhonderd werken. Van kunstenaars als Carl André, Joseph Beuys, Christo en Gilbert&George tot Anselm Kiefer, Bruce Nauman, Claes Oldenburg, Peter Struycken en broer Carel. Een vuistdikke catalogus getuigt. ISBN 90-74453-22-8

Voor mij is Martin (zonder dat we het van elkaar weten) een leidsman. In zijn jaren bij de Bijenkorf. Daar treedt hij in 1947 aan als etaleur en verkoper op de meubelafdeling, daar wordt hij later chef inkoop. En daar tekent hij, met Benno Premsela, voor de bijzondere, de legendarische, exposities: 'Ons huis ons thuis'. Die brengen me, als jongeling, in nauw contact met het beste van het beste. Dat inspireert en laat heerlijke sporen na.

Hoe Martin en ik elkaar leren kennen, weet ik niet meer. Via Benno vermoed ik. Of via de Design Academy, waaraan Joke, zijn tweede echtgenote, les geeft. En ik een tijd bestuurslid ben. Hoe het ook zij - ik koester onze ontmoetingen. In dat heerlijke huis van Rietveld ook. Met de aanbouw van Aldo van Eyck. Met Richard Long op de muur en Soll Lewit in de tuin. Samen zitten we op de boomstambank van Jurgen Bey...

 

Hij is er altijd als eerste, belt aan, komt binnen en drinkt onverwijld een kop koffie. Piet Hein Verspyck Mijnssen. Penningmeester. Onze penningmeester. Van de Stichting Françoise van den Bosch. Vernoemd naar de vroeg gestorven sieraadontwerpster (33) - een zus van zijn vrouw Thea. Piet Hein vormt de band, de verbinding, tussen familie en bestuur. Hij beheert het kapitaal, dat na de dood van Françoise wordt bijeengebracht (1980). Teneinde, via de stichting, de hedendaagse sieraadvormgeving te stimuleren. In NL en daarbuiten. Piet Hein is de gedroomde penningmeester. Uiterst zorgvuldig, behoedzaam, voorzichtig. Doch allerminst bekrompen. Dankzij hem blijft het vermogen ook in slechte tijden overeind. Zodat we één keer per twee jaar de Françoise van den Bosch prijs kunnen toekennen. Aan een ontwerper (m/v) met verdiende sporen. En zodat we het tussenliggende jaar werk kunnen aankopen van talentvolle jongeren. Heel bijzonder zijn de bestuursvergaderingen waarin hij uitgebreid verslag doet. We kunnen dat niet altijd tot in detail volgen. Maar we weten: het zit goed, meer dan goed.

Piet Hein overlijdt, na een slopende ziekte, op 22 oktober 2009 in Naarden, 64 pas. Zes dagen later wordt hij gecremeerd. Op een stralende, zomerse dag, in Bilthoven. Buiten en binnen de overvolle aula is het prachtig. We komen nog van alles te weten ook. Zijn grote liefde voor (model)treinen is ons bekend, op hoofdlijnen. Maar wat te denken van zijn passie voor zekere vliegtuigen (DC 9), voor munten, voor de Veluwsche Stoomtrein Maatschappij, alwaar hij evenzeer een pijler is als bij ons? www.francoisevandenbosch.nl


Alexander Orlow, man van de wereld, wereldburger. Jetset, ruim voor het woord is ingeburgerd. Geen benepen BN'er, maar een flonkerende ster. Met lef, smaak, visie. Grensoverschrijdend. Zo geeft hij, als directe ur van Turmac, een internationale draai aan zijn sigarettenmerk Stuyvesant. Via wervelende bioscoopreclame, met name. De wereld van Peter Stuyvesant. Paspoort tot rookgenot>> Pall Mall zit tevens in de stal.

Orlow woont in een prachtig wit pand aan de Apollolaan, schuin tegenover het Hilton Hotel. Hein Salomonson is de architect, als ik het wel heb. Later verhuist hij naar een buitenplaats aan de Amstel. Het kantoor (De Boelelaan) is van dezelfde architect. De soberheid zelve. Maar schitterend en gastvrij.

De fabriek staat in Zevenaar. In 1960 doet Orlow een ongekende stap. Hij koopt grote, zeer grote, schilderijen van hoogst moderne kunstenaars en laat ze ophangen boven de sigarettenmachines. Dat valt niet direct in goede aarde. Doch. Als de werken tijdelijk vertrekken, want worden uitgeleend, beginnen de medewerkers ze te missen... Er ontstaan: affiniteit en gepaste trots.

De verzameling slaat de vleugels uit. Gerenommeerde adviseurs, present op kantoorwerkplekken, een speciale zaal op kantoor, bruiklenen, museale exposities in binnen- en buitenland.

Ik leer hem kennen via de reclame, via het Genootschap voor Reclame. Aldaar kan betrokkenheid hem evenmin worden ontzegd. Auctor intellectualis is hij, achter het vroegtijdige, spraakmakende, Imago congres, in de RAI, januari 1965. Als betrekkelijk broekje (26) zit ik samen met hem (46) in de congrescommissie. Daar merk ik dat hij ook hard kan zijn. Niet jegens mij, overigens.

Alexander Orlow sterft op 30 oktober '09, te Lugano. In de leeftijd van 91 jaar.


Foto: Marco Bakker

Aart Roos, abstract-expressionist. Wordt geboren in Zaandam, op 28 augustus 1919. Overlijdt in Purmerend, op 15 november 2009. Schildert op doek en op muren, maakt aquarellen, tekeningen en glaskunst. Aart zit op de Rijksacademie in de klas met Appel en Corneille. Later gééft hij les. Te Den Haag, aan de Koninklijke Academie te Den Haag. Twaalf jaar lang, monumentale kunst.

We leren elkaar kennen via De Drommedaris in Enkhuizen. Daar organiseer ik in 1963 zijn eerste solo-expositie. Dichter Gerrit Kouwenaar opent, op zaterdag 15 juni. Nadien neemt Aart nog deel aan een groepstentoonstelling, ter gelegenheid van het vijfjarig bestaan.

Het werk van Aart is goed vertegenwoordigd in particuliere en museale verzamelingen, met inbegrip van de Rijkscollectie. In 2006 ontstaat commotie als blijkt dat de vijftien meter lange muurschildering Vogels en bloemen in de Amsterdamse Timorschool op de nominatie staat om te verdwijnen. Slopershamer. Zo'n honderd prominenten (waaronder Remco Campert, Jeroen Henneman en Marlene Dumas) tekenen protest aan. Met succes. Er volgt zelfs een restauratie.

In 1995 komt er een gedwongen einde aan zijn actieve kunstenaarschap. Als gevolg van een hersenbloeding. Aart verlaat het heerlijke Huis 'De Meeuwen' aan de Edamse Zeevangszeedijk en wordt opgenomen in een verpleeghuis te Purmerend. In 2004 wordt -op initiatief van zijn vrouw Amy- de Stichting Aart Roos opgericht. Die beheert het oeuvre. www.aartroos.nl


1993

>>


Kort voor zijn overlijden wordt John Vrieze Officier in de Orde van Oranje-Nassau.

Vier het leven!

Eerst maar dit. John - voluit Johannes - Vrieze wordt geboren op 5 januari 1950. Hij groeit op in Canada, is (en blijft) dol op muziek en volgt, navenant, lessen aan het conservatorium van Toronto. Eenmaal in Nederland studeert hij kunstgeschiedenis aan de Vrije Universiteit te Amsterdam. Zijn woonplaats; zijn laatste rustplaats. Maandagavond 16 november '09 sterft hij, omringd door naaste vrienden. Alles is door hem geregeld, tot in de puntjes achter de komma. Ook op Zorgvlied, waar we hem zaterdagmiddag begraven. Op hoofse wijze. John ligt er naast Wim Duisenberg. Hoe krijg je het voor elkaar, vraag ik me af.

Twee dingen signeren zijn werkzame leven.

Achttien jaar Hoofd Tentoonstellingen van de Nationale Stichting De Nieuwe Kerk. Ernst Veen memoreert ze - warme, liefdevolle woorden, prachtig gekozen. In een bijzondere rouwadvertentie en in zijn toespraak in de aula. Ze reizen veel samen, ten tijde (directeur en hoofd) en realiseren een lange rij tentoonstellingen en bijbehorende publicaties. Catharina de Grote, de Zwarte Farao's, Het Rijk der Scythen, de Schatkamer van de San Marco en wat niet al. Doch het blijft niet bij verre landen en duizenden objecten. In 1988 biedt John ons de veertigste verjaardag van CoBrA aan. Waarmee hij zijn liefde voor en kennis van moderne kunst stipuleert. En Amstelveen inspireert een Cobra Museum na te streven. Zeven jaar later staat het er.

In 2003 wordt John directeur. Het tij zit niet mee. Karel van Stuijvenberg, pregnant bruikleengever, neemt zijn collectie terug (en maakt die te gelde). Wat moet het museum nu? John zet de lijnen uit: 1. aankoop en 2. verbreding. Van het museale werkgebied. Naar hedendaagse kunstenaars (NL en daarbuiten) die net als de Cobra schilders een hang naar vrijheid bezitten, stelling nemen, vernieuwend bezig zijn. Op beide gebieden scoort hij hoge ogen. Getuige onder meer de verwerving van Twee vogels, een sleutelwerk van Constant en exposities als China Now, Swiss Made en Gewoon Anders.

Ik laat al zijn nevenfuncties voor wat ze zijn. Vele, vele.

Herfst 2004 wenkt John me zijn museum binnen. 'Ik heb een woordkunstenaar nodig', doet hij weten. Ik voel me subiet aangesproken natuurlijk. Het draait, alsdan, om een corporate brochure, waarvoor ik de tekst schrijf en de basisvorm suggereer. Het doet me groot genoegen hem van zeer nabij mee te maken. Op de bok. Nadien gebeurt dat vaker. We worden het niet immer eens, maar dat mag. Van ons allebei.

Jhim Lamorée, messcherp criticus, omschrijft John in Het Parool, als: Kalm, vriendelijk, bescheiden en trouw. Ik vul even aan: John is beschaafd, erudiet, nieuwsgierig. John heeft een prachtig gevoel voor humor. En méér nog: John viert, ondanks menige tegenslag - de dood van Leen, zijn strenge ziekte - het leven. Volop.